Testen
Zes tests, één vast protocol
Zes tests die met eenvoudig materiaal betrouwbaar te herhalen zijn. Ze meten fysieke kwaliteiten uit sporten met sprints, duels en richtingsveranderingen: kracht, elasticiteit, acceleratie, topsnelheid, wenden en herhaald vermogen.
De testbatterij
| Test | Kwaliteit | Wat je meet | Meetfout |
|---|---|---|---|
| Countermovement jump | Elasticiteit | Explosieve kracht met tegenbeweging | ±1,5 cm |
| Relatieve squat: maximaal gewicht voor 1 herhaling (1RM) ÷ lichaamsgewicht | Kracht | Maximale kracht ten opzichte van je lichaamsgewicht | Niet gepubliceerd |
| Sprint 10 m | Acceleratie | Startkracht en de eerste passen | ±0,02 s |
| Sprint 30 m | Topsnelheid | Snelheid opbouwen en vasthouden | ±0,03 s (geschat) |
| 505-richtingsverandering | Wenden | Afremmen en opnieuw versnellen over 180° | ±0,05 s |
| Yo-Yo Intermittent Recovery Test niveau 1 (Yo-Yo IR1) | Herhaald vermogen | Het vermogen om intensieve inspanningen te herhalen | ±125 m |
Meetfouten komen uit dezelfde bronnen als de referentiewaarden in de zelftest. Waar geen meetfout is gepubliceerd, staat dat erbij. Een verschil kleiner dan de meetfout telt niet als vooruitgang.
Zo meet je betrouwbaar
- Test altijd op hetzelfde moment van de dag, na dezelfde warming-up en met dezelfde schoenen.
- Sprint- en sprongtests: 3 pogingen, de beste telt, 2 tot 3 minuten rust. De squattest en de Yo-Yo IR1 volgen hun eigen protocol.
- Sprint op een vlakke, droge ondergrond. Buiten bij wind: sprint met zijwind, nooit met wind mee.
- Test niet binnen 48 uur na een wedstrijd of een zware krachtsessie.
- Noteer datum, ondergrond, materiaal en hoe je je voelde. Een cijfer zonder context is niet te interpreteren.
Elk programma volgt de NForce-programmeringsprincipes: opgebouwd vanuit de sport, de wedstrijdkalender en de speler, met een geleidelijke toename van belasting.
Vergelijk je waarden in de zelftest
De zelftest zet je waarden naast gepubliceerde referentiewaarden, met bron per test, en geeft een handboekadvies.